Van harte gefeliciteerd Poorthuis Industrial Services, KEN group, DE VRIES Warmte en Stoomtechniek B.V. met het behalen van hét unieke ARI SAFE-certificaat. En firma Driessen Appendages B.V. voor de investering van 2 extra specialisten binnen jullie huidige revisie- en afstelteam. 🔧 💪
We zijn trots op ons groeiende netwerk van inmiddels 10 geautoriseerde ARI Service partners in Nederland. Elke servicepartner is een bewezen specialist en opgeleid via een intensieve meerdaagse training bij ARI-Armaturen Albert Richter GmbH & Co. KG in Duitsland.
Special delivery: een compleet systeem met flashtank en shell-and-tube-warmtewisselaar. Op een skid geleverd, met voor gemonteerde veldapparatuur & plug & play op locatie.
Wat is het ⁉️ Een flashtank gecombineerd met een shell-and-tube-warmtewisselaar is een beproefde oplossing binnen industriële processen waar energie-efficiëntie en betrouwbaarheid essentieel zijn.
➡️ De flashtank scheidt flitsstoom van condensaat. Deze stoom, die ontstaat bij drukontlasting van heet condensaat, wordt niet verspild maar hergebruikt.
➡️ De shell-and-tube-warmtewisselaar benut deze flitsstoom om warmte over te dragen aan een ander medium.
➡️ Zo ontstaat een gesloten kringloop waarbij restenergie slim wordt ingezet, goed voor het proces én voor het milieu.
Het klinkt misschien wat dramatisch: “van levensbelang”. Maar sta er eens even bij stil.
Stel, er is brand in een gebouw. Jij staat bij een deur. Moet die deur dan vanzelf opengaan of juist dicht vallen? Of je auto valt stil op de snelweg, wil je dan dat de deuren op slot springen?
Klinkt als een simpele keuze?
Maar het antwoord hangt af van de gewenste situatie. En precies zo werkt het ook met afsluiters in een procesinstallatie. Moet een afsluiter bij een storing automatisch sluiten (fail-close) of juist openblijven (fail-open)? Die beslissing heeft gevolgen.
Wat is ‘fail-safe’? Een ‘fail-safe’ uitvoering betekent: wat moet die afsluiter doen als de stroom of luchtdruk wegvalt? Bij een gasleiding wil je absoluut niet dat er ongeremd gas blijft stromen. Dus een fail-close uitvoering 🔒 Maar bij een brandblusleiding? Dan wil je onder alle omstandigheden kunnen blussen. Dus een fail-open uitvoering 🔓
Waarom is dit belangrijk? Een verkeerde instelling van een afsluiter is geen ‘klein foutje’. Het kan:
Hoe maak je een afsluiter fail-safe? Bij storing moet een afsluiter automatisch de gewenste positie innemen. Dit kan als volgt: ➡️ Pneumatisch gestuurd: ➡️ Veerretour: ingebouwde veer sluit of opent de klep bij luchtverlies. ➡️ Dubbelwerkend: standaard blijft staan, maar fail-safe te maken met: Spring return-kit (extra veer) Noodluchtvat + omschakelventiel ➡️ Elektrisch gestuurd: UPS of noodstroomvoorziening zorgt voor beweging bij stroomuitval.
Checklist: wanneer kies je wat? Fail-close: voor gevaarlijke of brandbare media (gas, chemicaliën) Fail-open: voor koelsystemen, brandbestrijding, of ventilatie. Fail-last: als het proces absoluut niet mag veranderen bij storing, bijvoorbeeld in een reactor.
Het is een weloverwogen beslissing die begint met één simpele vraag:
“Wat is de veiligste positie als alles fout gaat?”
Bij Nevaco denken we graag na over dit soort keuzes en ondersteunen we graag om de juiste appendages in te zetten die betrouwbaar zijn. Juist op het moment dat het echt telt.
🔩 Normverschillen DIN 2501 vs. EN 1092-1 ↔️ een valkuil bij flensmontage.
In de praktijk zien we het nog wel eens misgaan: flensafsluiters volgens DIN 2501 worden gecombineerd met tegenflenzen volgens EN 1092-1.
Hoewel de afmetingen grotendeels overeenkomen, zijn er wel wat kritieke verschillen die pas tijdens de montage zichtbaar worden. Een bekend voorbeeld is de DN65/PN16-flens:
➡️ DIN 2501: 4 boutgaten ➡️ EN 1092-1 (staal): 8 boutgaten ➡️ EN 1092-2 (gietijzer): nog steeds 4 boutgaten
Het gevolg? Afwijkende boutpatronen, niet-uitwisselbare componenten en onnodige stilstand of faalkosten.
🛠️ Sinds 2001 is de EN1092-1 al een geldende Europese norm voor stalen flenzen. Deze norm vervangt grotendeels DIN 2501 en introduceert o.a.:
➡️ Gestandaardiseerde type-indeling ➡️ Breed PN-bereik: PN6 t/m PN400 ➡️ Aangepaste toleranties en boutcirkelafmetingen bij bepaalde DN/PN
Ons advies: controleer bij het specificeren van afsluiters en flensverbindingen altijd de juiste norm, typeaanduiding en bijbehorende maatvoering. Mocht je hulp nodig hebben? Vraag het onze specialisten.
Wist je dat één van de grootste stille energieverspillers in stoominstallaties de condenspot is 🤑
In een tijd waarin energie-efficiëntie geen luxe meer is, maar noodzaak, loont het om stil te staan bij de onzichtbare lekken in je stoomsysteem. Naar schattingen liggen de verlieskosten rond de €25 – €45 per dag, per slecht functionerende condenspot. (disclaimer kosten afhankelijk van grootte, type stoomdruk enz)
Wat doet het eigenlijk?
Een condenspot verwijdert het condensaatwater en lucht uit stoomsystemen, zónder stoomverlies. Dat voorkomt corrosie, waterslag en onnodig energieverbruik. Kortom: essentieel voor een veilig, efficiënt en duurzaam stoomproces.
ARI-CONA S (Vlottercondenspot): ➡️ Werkt mechanisch op basis van het vlotterprincipe.
ARI-CONA M (Thermostatische condenspot met membraancapsule): ➡️ Werkt op basis van temperatuurverschillen door middel van een gevoelige membraancapsule gevuld met een speciale vloeistof.
ARI-CONA B (Bimetaal condenspot): ➡️ Werkt op basis van het buigen van bimetaalplaten als reactie op temperatuurveranderingen.
ARI-CONA TD (Thermodynamische condenspot): ➡️ Werkt op basis van het verschil in snelheid en druk van stoom en condensaat.
ARI-CONALIFT / CONA P (Mechanische pompende vlottercondenspot): ➡️ Wordt gebruikt om condensaat te verpompen naar een hoger gelegen punt of bij onderdruk in het systeem.
ARI CONAsys (Condenspotstation): ➡️ Een compleet systeem geïntegreerd met een condenspot, afsluiters, zeef, terugslagklep en aftapkraan.
De selectie hangt af van de specifieke toepassing, druk- en temperatuurcondities en de gewenste eigenschappen.
En..
De investering in de juiste condenspot betaalt zich niet alleen terug in euro’s, maar ook in duurzaamheidsdoelen. Minder stoomverlies betekent een lagere energievraag, minder CO₂-uitstoot en een efficiënter productieproces.
Als je het aan onze regelspecialisten vraagt met welke type regelventiel ze graag werken, is dat de ARI STEVI PRO – pneumatisch of elektrisch aangedreven – type 470.
“De mogelijkheden lijken bijna oneindig en dat maakt deze regelklep zeer geschikt voor heel veel toepassingen. We komen bijna altijd tot de juiste configuratie binnen de gewenste specificaties”
Als partner zijn wij trots om dit merk te vertegenwoordigen in Nederland. Of het nu gaat om standaardtoepassingen of complexe regeltechnische vraagstukken, wij combineren kennis en de beste materialen om tot de perfecte oplossing te komen.